erfgoedobject

Appartementsgebouw Aerts

bouwkundig element
ID
302610
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/302610

Juridische gevolgen

Beschrijving

Appartementsgebouw in naoorlogs modernisme naar ontwerp uit 1959 van Marc Remaut voor het Architectenbureau Style Building, mogelijk opgericht als tijdelijke vereniging, onder leiding van Remaut en bouwkundige J.A. Vanden Poel. Opdrachtgever was Corneel Aerts. Wellicht gaat het om appartementen voor een gegoed cliënteel.

De plastische gevelbehandeling met uitgesproken textuur- en kleurcontrasten sluit aan bij vroegere realisaties van Remaut, met name het appartementsgebouw Casa Nostra in de Jan Van Rijswijcklaan ontworpen in 1956. De verzorgde vormgeving met eigentijdse details, lijkt zich te inspireren op Italiaanse voorbeelden uit deze periode zoals het werk van Gio Ponti. In die zin onderscheidt deze architectuur zich kwalitatief van de conventionele, veeleer banale appartementsgebouwen uit de jaren 1950, die het merendeel van de bebouwing uitmaken in dit gedeelte van de Jan Van Rijswijcklaan.

Het gebouw maakt deel uit van een homogeen geheel van twee dwars op elkaar staande, zes bouwlagen hoge, balkvormige bouwblokken onder platte bedaking, die de westelijke zijde van de Jan Baptist Verlooystraat en de zuidelijke zijde van de Eric Sasselaan innemen. De vier flatgebouwen aan de Jan Baptist Verlooystraat zijn alle quasi identiek ingeplant op een rechthoekige perceel met voorhof en achterkoer (volumes van circa 18 meter hoog, 14 meter breed en 16 meter diep). Het appartementsgebouw Aerts met opvallende terugwijkende gevelbehandeling, breekt uit het vlakke gevelfront van aaneengesloten hoogbouw aan deze zijde van de straat. De ruimtelijke vormgeving van de straatgevel met grote vensterpartijen is uitermate geschikt voor deze locatie aan de rand van de Tentoonstellingswijk. Van hieruit wordt namelijk een panoramisch zicht geboden over de kruising van de brede Jan Van Rijswijcklaan en de Camille Huysmanslaan en op de open, groene ruimte aan weerszijden van de verzonken ingeplante ringweg (Singel). Daarnaast vormt dit transparante flatgebouw, een waardige tegenhanger van het tegenovergelegen vrijstaande kantoorcomplex, de zogenaamde BP-building, naar ontwerp van Léon Stynen en Paul De Meyer in 1959-1960.

Exterieur

Vier traveeën breed, kenmerkt het bouwvolume zich door de uitgesproken driedimensionele vormgeving van de bovenbouw, symmetrisch ingedeeld volgens een spiegelende middenas, met terugwijkende kern en afgeschuinde zijvlakken. Door de toepassing van een gewapend betonskelet waarbij kolommen, balken en vloeren één geheel vormen, wordt deze bovenbouw een zwevend karakter verleend. Het rijzige karakter van de hoogbouw wordt in evenwicht gebracht door een horizontaliserende geleding met afwisselend venster- en natuursteenstroken onder een sterk uitkragende rechte dakrand. De vormgeving van het gevelfront van de bovenbouw is tweevoudig van opvatting: enerzijds is er drang naar transparantie (licht weerkaatsend) veruitwendigd in grote gevelbrede vensterpartijen en anderzijds een hang naar monumentaliteit uitgedrukt door een bekleding in verschillende soorten natuursteen (licht absorberend).

De terugwijkende kern bestaat uit twee centrale traveeën en is voorzien van uitkragende rechthoekige balkons, op het gelijkvloers fungerend als luifel van het inkomportaal. De afgeschuinde traveeën aan weerszijden zijn uitgewerkt als tweezijdige erkers. Balkons en borstweringen zijn bekleed in natuursteen, respectievelijk Solnhöfer in tegelverband en leisteen in wildverband. Dit laatste is ook gebruikt voor de vlakke kroonlijst waarboven een strook met gele parementsteen.

Het inkomportaal, waarin een centrale toegangsdeur met zijlicht en venster, is geflankeerd door een garagepoort aan de linkerzijde en twee brede vensterpartijen aan de rechter zijde. De borstweringen van deze vensters zijn opgevat als een hoge sokkel die afgewerkt is in gekloven marmer. De luifel is decoratief ondersteund door niet dragende maar fors uitgewerkte posten in donkere graniet. Dit materiaal is ook gebruikt voor de bekleding van de opengewerkte sokkel en contrasteert zo met de bleker uitgewerkte bovenbouw.

Het vensterschrijnwerk en de leuningen van de balkons zijn uitgevoerd in wit staal, waarvan de inkomdeur met V-vormige handgreep, vandaag integraal vervangen in aluminium. Het gestroomlijnde karakter van de gevel wordt nog versterkt door de afschuining van onderdelen in graniet, met name de omlijsting van de bovenbouw en de posten van het inkomportaal. De meer traditioneel uitgewerkte achtergevel, met parement in lichte siersteen, is aan weerszijden voorzien van gevelhoge, terugwijkende stroken. Hierachter en centraal in de gevel zijn inpandige terrassen voorzien in functie van de slaapkamers.

Interieur

Dit onderkelderd complex herbergt twaalf appartementen, ontworpen volgens een spiegelend schema. Een centraal ingeplante traphal met bordestrap en liftkoker, ontsluit de verschillende niveaus.

Het souterrain biedt ruimte aan individuele kelderruimten en centrale verwarming op mazout. Achteraan, onder de binnenkoer, zijn garageplaatsen ingericht. Deze opengewerkte ruimte is voorzien van daglicht door middel van glasstenen.

Vanuit de centrale traphal zijn per verdieping telkens twee dwars op de straat georiënteerde wooneenheden toegankelijk. In het verlengde van het trappenhuis zijn rug aan rug gebouwde functionele ruimten (keuken, badkamer, toilet) gesitueerd, terwijl zijdelings leef- en slaapvertrekken zijn ingericht. Deze organisatie wijkt af op het gelijkvloers, waar een deel van het linker appartement ingenomen wordt door de inrit naar de ondergrondse garage.

De L-vormige inkom en aansluitende trapzaal is vooraan verfraaid met een plantenstrook die doorloopt in een halfrond afgewerkte vestiaire. In het verlengde van de inkom is toegang tot een compacte (conciërge)woning, met een planindeling die afwijkt van de andere wooneenheden: een woonkamer aan de koerzijde en achterliggend een slaapkamer. Centraal tegen de middenas bevindt zich een keuken met terras en achterliggend een badkamer, wc met vestiaire, afgezoomd door een lange private hal.

Bepalend voor het planontwerp van de overige elf appartementen is de convexe wand die de private inkomhal van het trappenhuis scheidt. Deze hal biedt aan straatzijde toegang tot de keuken met terras en aanpalend tot een langgerekte leefruimte. Achteraan ontsluit een nachtgang een toilet, badkamer en drie slaapkamers, die aan koerzijde en in de terugwijkende hoeken voorzien zijn van kleine inpandige open koertjes.

De inkomhal en de individuele leefvertrekken vertonen een weelderige vloer- en wandbekleding met kwaliteitsvolle natuursteen, waaruit een italofiele inspiratie spreekt. De nadruk lijkt niet te liggen op een esthetisch samenhangend ensemble, maar op een exhuberant decor dat de bezoeker moet overweldigen. In de inkomhal zijn de wanden verfraaid met grote onyxachtige wandplaten ("à livre ouvert") en daar tegenover een voorstelling van gestilleerde dansende figuren, uitgevoerd in gebouchardeerde blauwe hardsteen tegen een achtergrond in travertijn (onderaan links gesigneerd J. AERTS 1960). Het plafond is opengewerkt met dynamisch afgeschuinde in- en uitsprongen in functie van indirecte verlichting.De traphal is in overeenstemming met de straatgevel bekleed met tegels in wildverband (wellicht Solnhofer) en natuurstenen traptreden met expressieve tekening (Calacatta?).

Opvallend in de private vertrekken is de rijkelijke vloer- en wandbetegeling van badkamer en toilet waarbij een variatie aan marmersoorten en kleurtinten tentoongespreid wordt. De buitenterassen zijn afgewerkt met schist(?) en leisteen. Contrasterend met de natuursteen voorziet de architect een warme houtbekleding. Getuige hiervan de verticale beplanking van de langgerekte, convexe inkomwand en de parketvloeren in mozaïekverband in de leefvertrekken.

  • Stadsarchief Antwerpen, Bouwdossier, 18#40011.
  • Informatie verkregen van L. De Clerq (12 november 2016).
  • VAN DEN BORNE S. 2016: Terreinbezoek Jan Baptist Verlooystraat 5 (Antwerpen) (terreinbezoek op 17 oktober 2016).

Auteurs: Van den Borne, Steven
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)


Relaties


Je kan deze pagina citeren als: Inventaris Onroerend Erfgoed 2024: Appartementsgebouw Aerts [online], https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/302610 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Stad Antwerpen

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.