erfgoedobject

Woning Vermijlen

bouwkundig element
ID
13141
URI
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/13141

Juridische gevolgen

  • is aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed Woning Vermijlen
    Deze vaststelling is geldig sinds

Beschrijving

Van de kinesitherapeut Jozef Vermijlen en zijn echtgenote Jenny De Winter krijgt Braem in het najaar van 1968 een interessante opdracht voor het ontwerp van een eengezinswoning met praktijkruimte in Hemiksem. Het echtpaar had zijn architectuur naar eigen zeggen ontdekt via het sociale wooncomplex op het Kiel. Als bouwterrein beschikt de opdrachtgever over drie percelen in de recente verkaveling De Lint, gelegen op de hoek met een voetweg die de nieuwe aanleg verbindt met de Lindelei, een van de hoofdstraten van de oude dorpskern. De verkaveling vormt een kruisvormige cluster van een drietal straten, afgesloten van het doorgaande verkeer en bestemd voor een aaneengesloten bebouwing met rijwoningen. De uitdaging voor Braem bestaat erin met zijn ontwerp de overgang te maken tussen de bestaande, kleinschalige lintbebouwing in de Lindelei en de meer open aanleg van de nieuwbouwwijk.

De functionele indeling reserveert de gehele benedenverdieping voor de kinesitherapiepraktijk en de twee bovenverdiepingen voor de privéwoning. In zijn eerste voorontwerp uit eind 1968 vertrekt Braem van een volledig vrijstaande woning met een rechthoekige plattegrond, ingeplant op de opgelegde bouwlijn voor de nieuw verkavelde percelen. Hij ontwikkelt daarbij een uitermate dynamische, organische vormgeving met een sculpturaal, brutalistisch karakter, wat vooral tot uiting komt in het profiel en de volumeopbouw van de woning en in de toepassing van het gewapende beton. De vormgeving bouwt tot in de details verder op de architectuur van de Arenawijk in Deurne, die op dat moment in opbouw is, en op de verschillende concepten van de woning Van Humbeeck in Buggenhout uit dezelfde periode.

Het definitieve ontwerp uit begin 1969 toont naar vorm en constructie een meer uitgesproken verwantschap met de Gemeentelijke Bibliotheek van Schoten, waarvan het concept ook in dat jaar tot stand komt. Braem schakelt nu van een vrijstaande inplanting over op een halfopen bebouwing, die in een brede ellipsboog de straathoek afrondt. De exuberante plastische vormentaal van het eerste ontwerp maakt plaats voor een meer gereserveerde, functionele constructie in baksteen en beton, waarvan de opbouw berust op de getrapte stapeling van gebogen volumes met dakterrassen. Met dit ontwerp wordt probleemloos een bouwvergunning verkregen, ondanks het afwijken van de verkavelingvoorschriften en de "bijzondere conceptie en vormgeving". De werken gaan in september 1969 van start, om begin 1971 te worden voltooid. In 1974 krijgt Braem van Vermijlen nog een tweede opdracht voor een landhuis in Schilde, dat in 1976-1977 wordt opgetrokken.

De kinesitherapiepraktijk, die de benedenverdieping deelt met de privé-ingang en de garage, voorziet van meet af aan in afzonderlijke ruimtes voor de verschillende behandelingen. Het definitieve programma omvat een ontvangstgedeelte voor de patiënten, met een hal, een wachtzaal en een consultatieruimte. Hierbij sluit enerzijds een geheel van massage- of behandelcabines en oefenzalen met toestellen aan, en anderzijds een sauna met kleedhokjes, douches en een relaxkamer. In de voorbereidende fase wordt ook aan de mogelijkheid voor gymnastiek in de tuin gedacht en aan een bad voor thalassotherapie.

De bovenliggende privéwoning, die de bebouwde oppervlakte slechts voor een deel inneemt, is zowel in het voorontwerp als in de definitieve plannen opgebouwd rond het ruime trappenhuis in ellipsvorm. De leefruimte neemt met een open plan de eerste verdieping in, opgedeeld in een eethoek bij de open keuken, een zithoek en een cosy corner met open haard. De tweede verdieping biedt ruimte aan een ruime slaapkamer voor de ouders, in het voorontwerp twee en in het definitieve ontwerp drie kinderkamers, en een badkamer.

In het eerste voorontwerp trekt Braem de functionele opdeling in een praktijk- en woongedeelte nadrukkelijk door in de vormgeving. De praktijkruimte onderscheidt zich als een transparante sokkel met een gelaagde schermgevel, die een toegangszone als overgang naar de straat incorporeert. Een combinatie van golvende steunberen en wanduitsparingen met een organische boog- of ellipsvorm, suggereert daarbij een pilotisstructuur. Voor het woongedeelte legt hij vooral de nadruk op het dynamische profiel van het bouwvolume, dat de getrapte opbouw van de twee bovenverdiepingen vertaalt. De licht overstekende bovenbouw, verlengd met een terras over de volledige breedte van de voorgevel, wordt in een dubbele, asymmetrische golfbeweging naar boven toe ingesnoerd tot de breedte van de schoorsteen. Deze vorm wijkt af van de voorbereidende schetsen, waarin Braem naar het voorbeeld van de Arenawijk experimenteert met een breed overstekend en concaaf gebogen schaaldak als afwerking. Hij houdt wel vast aan het idee van massieve kopgevels in gewapend beton en een geïntegreerde sculptuur, die ook daar belangrijke kenmerken van de architectuur uitmaken. Waar hij aanvankelijk ook lijkt te denken aan een analoge, geribde textuur door het gebruik van staal en golfplaten als bekisting, kiest hij uiteindelijk voor glad wit beton met enkele horizontale groeven. De dakstructuur, die horizontaal wordt doorbroken door inspringende vensterzones, krijgt als contrast een bekleding met donkere shingles. Voor het interieur van de woonverdieping, die in dit stadium nog een meidenkamer omvat, stelt hij tegenover de rechtlijnigheid van de plattegrond een gebogen lijnvoering voor de cosy corner en het trappenhuis.

In het definitieve ontwerp wordt de nogal monolithische volumewerking van het eerste concept ingeruild voor een horizontaal gelaagde opbouw, geaccentueerd door een nadrukkelijke structuur in zichtbeton. Braem stapelt daarbij de drie bouwlagen als concentrische volumes trapsgewijs boven elkaar, waardoor ruimte ontstaat voor dakterrassen met een brede ringbalk als borstwering. Waar hij in de voorbereidende schetsen voor dit concept een sterk golvend profiel met een krachtige dynamiek lijkt na te streven, benadert de uiteindelijke omtrek van de plattegrond de vorm van een halve ellips met slechts ingesneden toegangsportalen. Voor het parement wordt gebruikgemaakt van een roomkleurige gevelsteen, in combinatie met afzeliaschrijnwerk. In het interieur verplaatst hij de trapkoker met een tweeledige slingertrap naar het centrum van het gebouw, verlicht door twee ronde dakkoepels. In de woonkamer wordt de trapkoker afgesloten door glaswanden en met de haardhoek gecombineerd tot een autonoom, plastisch volume. Dit vormt de kern van een in functionele zones opgedeelde ruimte met een volkomen open circulatiepatroon en brede raampartijen aan drie zijden. Op het ruime, omringende terras integreert Braem een zitbank in de borstwering, met een organisch vormgegeven windscherm. Zowel voor het praktijk- als het woongedeelte van de woning Vermijlen ontwerpt hij inbouwmeubels zoals kantoorkasten, een vestiairemeubel met spiegel, een bibliotheekkast met schrijfblad, een televisie en audiomeubel. In tegenstelling tot de ellipsvormige brievenbus worden ze echter niet uitgevoerd.

  • Archives d'Architecture Moderne, Archief Renaat Braem, Dossiernummer 179.
  • Gemeente Hemiksem, Archief Technische Dienst, Bouwdossier 196914.
  • Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed, Archief Renaat Braem, 431.

Bron: J. (ed.) 2010: Renaat Braem 1910-2001. Architect, Relicta Monografieën 6. Archeologie, Monumenten en Landschapsonderzoek in Vlaanderen, Brussel.
Auteurs: Braeken, Jo
Datum:
De tekst wordt ter beschikking gesteld door: Agentschap Onroerend Erfgoed (AOE)


Relaties

  • Is gerelateerd aan
    Gemeentelijke Bibliotheek

  • Is deel van
    Lindelei


Je kan deze pagina citeren als: Inventaris Onroerend Erfgoed 2024: Woning Vermijlen [online], https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/13141 (geraadpleegd op ).

Beheerder fiche: Agentschap Onroerend Erfgoed

Contact

Heb je een vraag of opmerking over deze fiche? Meld het ons via het contactformulier.